21st Century Skills deel 1: gebruik van intuïtie om snel de juiste keuzes te kunnen maken

Gepubliceerd op 16 June 2014 · Categorie: Blogs . Gemaakt door Tim

21st Century Skills is veel gehoorde term in onderwijsland. Inderdaad is het heel verstandig om na te denken over de eisen die het razendsnel veranderende tijdperk waarin wij nu leven aan ons stellen. De aanpassingen van het onderwijs heeft een veel langzamer tempo dan de veranderingen in de maatschappij zelf. Wat is er allemaal aan het veranderen of wat is er al veranderd? Het eerste dat opvalt is natuurlijk het veelgenoemde digitaliseren: Onze kinderen groeien op in een geautomatiseerde wereld waarin ongelofelijk veel kennis en informatie overal en altijd beschikbaar is. Evenredig neemt de complexiteit exponentieel toe. De informatiestroom doet een geweldig beroep op ons creatieve vermogen om te filteren, snel de juiste keuzes te maken en tot de kern te komen. Dit is exact het aspect waarbij het gebruik van intuïtie onontbeerlijk is. Het gaat om het vermogen om ‘aan te voelen’ of iets relevant is of niet, of het voor jou als specifiek individu waardevol is of niet. Het is een proces waarbij de linker en rechter hersenhelft samenwerken. Het resultaat is niet zozeer een gevolg van een gedachtegang, maar eerder een direct weten/aanvoelen of het je aantrekt of niet. Dat is een lastig gegeven, want hoe maak je bijvoorbeeld onderscheid tussen dat wat echt bij je hoort en datgene dat je op een verslavende manier meesleept? Om dat onderscheid te kunnen maken is immers zelfkennis nodig. Hoe bouw je zelfkennis op? Kun je zelfkennis onderwijzen? Ja dus…Elke docent brengt naast de lesstof ook op zijn leerlingen over hoe hij/zij in zichzelf staat: hij/zij heeft een voorbeeldfunctie. Het is een subtiel leerproces dat gebaseerd is op de authentieke kracht van de docent. Zo worden door de manier waarop een docent met de klas omgaat de les de grenzen gecommuniceerd van de mate waarin de eigen inbreng en de voorkeuren van leerlingen gewenst zijn of niet. In het ene geval is een grens nodig, in het andere geval juist ruimte. Dit aspect van het leraarschap doet een bij uitstek beroep op de creatieve kwaliteiten en intuïtie van docenten. Het is niet te ondervangen door formats en regelgeving. Sterker nog: om het creatieve aspect te kunnen integreren hebben docenten juist vrijheid nodig om een eigen draai te geven aan hun lessen. Regelgeving en creativiteit staan in ‘creatieve’ spanning ten opzichte van elkaar: het is de kunst telkens de juiste balans te vinden. Zoals de bondscoach het uitdrukt: Het gaat om de totale mens: als die ruimte krijgt en zich gezien weet heeft dat een positief effect op de prestaties. Daarnaast is een van de manieren om die zelfkennis op te bouwen het ervaren dat je lichaam je voortdurend op de hoogte stelt van de kwaliteit van het moment. Het geeft constant subtiele signalen af over wat het totaal van een situatie met je doet. Dit vergt een heel ander soort leerproces dan we gewend zijn: hierbij gaat het om gegevens uit de rechter hersenhelft die geïntegreerd moeten worden met ons nuchtere denken. De huidige lesprogramma’s zijn vooral gericht op het ontwikkelen van het nuchtere denken, het onderscheidende vermogen. Het ontwikkelen van het verbindende creatieve vermogen, dat juist voor het gebruik van intuïtie cruciaal is, krijgt relatief nog erg weinig aandacht. Hier ligt een grote en hoopgevende uitdaging, omdat het de mens weer centraal stelt in het onderwijsproces: veel docenten en leerlingen zijn doodmoe van de steeds strakker geformuleerde verplichte onderdelen van hun werk. Zij voelen intuïtief  dat het anders kan.